2010 03 06 Capriccio 20 Jaar!

Zaterdagavond 6 maart 2010 vierde het Capriccio Clarinet Orchestra haar twintigjarig bestaan met een bijzonder concert in de Der Aa-kerk in Groningen. Ruim 450 bezoekers en genodigden, waaronder burgemeester Yvonne van Mastrigt en wethouder van Cultuur Cor Drost, waren aanwezig in de sfeervol verlichte kerk. De avond werd geopend door wethouder Drost die in zijn speech aandacht schonk aan de vele hoogtepunten in het bestaan van het orkest.

Muzikaal werd de avond geopend met de beroemde Ridderdans uit het ballet Romeo en Julia van de Russische componist Serge Prokofief. Duidelijk etaleerde het orkest de diverse instrumenten van het orkest in de zware baspartijen en de krachtige melodiepartijen.

De Italiaanse klarinettisten Paolo de Gaspari en Antonella Chiuchiolo waren solist in het tweede Concertstuk voor klarinet, bassethoorn en orkest van Felix Mendelssohn-Batholdy. Met de bijzonder warme klank van de minder bekende bassethoorn (een lage klarinet) en de heldere klank van de klarinet maakten zij indruk door met elkaar te versmelten.

De Belgische klarinettist en muziekuitgever Bob Van de Velde soleerde in De Jiddische Sjlimmert van de componist Patrich Hiketick. Verrassend was de korte mooi uigespeelde cadens waarna er werd opgebouwd naar het flitsende eind.

Het Concierto de Aranjuez van de Spaanse componist is een wereldberoemd werk voor gitaar en orkest dat door dirigent John de Beer werd bewerkt voor Capriccio. De Noorse gitarist Trond Davidsen was de solist in deze bijzondere combinatie met klarinetten. Vooral het bekende langzame tweede deel werd door het publiek enorm gewaardeerd. De beroemde melodie van de althobo werd bij Capriccio gespeeld door een hoge esklarinet samen met de lage basklarinet. Deze combinatie leverde een fraaie en onverwachte opening van dit deel.

Na de pauze opende het orkest met het mooie Intermezzo Sinfonico van de Italiaanse componist Pietro Mascagni. De lange gedragen melodien werden door Capriccio mooi uitgespeeld en de samenklanken klonken als een kerkorgel.

De Zwitserse klarinettist Matthias Müller soleerde in de Carmen Fantasie van Pablo Sarasate op melodieen uit de opera Carmen van George Bizet. Oorspronkelijk is het werk geschreven voor viool en orkest en Müller en de Beer bewerkten het voor Capriccio. Met de prachtige muziek van Bizet als uitgangspunt speelde Müller virtuoos de hoofdrol. Met adembenemende snelle loopjes en uitgesponnen melodieen in het lage register imponeerden orkest en solist in deze wereldpremiere.

Het concert werd afgesloten door de Hongaarse klarinetvirtuoos Jozsef Balogh. Deze klassiek geschoolde klarinettist (prachtige opnamen op het Naxos label) beheerst ook op hoog niveau de zigeunermuziek, klezmer en de jazzmuziek. Balogh speelde met het orkest een medley van Czardas melodieën waarin tempo, melancholie en vreugde, temperament en virtuositeit elkaar snel afwisselden. De solist kreeg een, terecht verdiende, staande ovatie van het zeer enthousiaste publiek. Balogh verwisselde voor een Country Dannce de klarinet voor het Hongaarse instrument de tarogato. Dit houten rietinstrument heeft een zeer weemoedige klank die iets heeft van een sopraansaxofoon maar dan gemengd met een beetje hobo en klarinet. Met pakkende melodieën en opzwepende begeleidingen voerde Balogh de avond naar het absolute hoogtepunt.

Na een daverend applaus voor alle solisten en het orkest zette John de Beer van achter uit de kerk een solo in waarna Jozsef Balogh, Matthias Müller en Bob Van de Velde samen met Capriccio spetterden in een weergaloze finale van dit jubileumconcert.